Tabel 4.1: Middelen, opbrengst en rendement (treasury-functie)
Rekening 2017 | Begroting 2018 | Begroting 2018 na wijziging | Rekening 2018 | |
---|---|---|---|---|
Middelen op 31 december (x € 1 mln.) | 157 | 133 | 133 | 181 |
Middelen gemiddeld (x € 1 mln.) | 173 | 145 | 145 | 162 |
Opbrengst (x € 1.000) | 183 | 151 | 151 | 151 |
Rendement (%) | 0,11% | 0,10% | 0,10% | 0,09% |
Onder het begrip Middelen wordt verstaan de gelden die in rekening courant worden aangehouden bij de Schatkist (het schatkistbankieren) en de leningen die zijn verstrekt aan gemeenten (het onderling lenen aan openbare lichamen).
Omvang middelen 2018 (per jaareinde en gemiddeld)
In 2018 zien we een toename van de middelen van € 157 mln. eind 2017 naar € 181 mln. eind 2018. Deze toename wordt voornamelijk veroorzaakt door achterblijvende uitgaven en lagere investeringen (activiteiten die doorschuiven naar 2019). Daarnaast is in december 2018 een extra bijdrage vanuit het Provinciefonds ontvangen van ca. € 14 mln. voor de aansluiting A6.
Omvang opbrengst 2018
Er is in de Programmabegroting 2018 uitgegaan van de opbrengst over de op dat moment reeds verstrekte leningen aan gemeenten. Vanwege de lage tarieven hebben er geen nieuwe uitzettingen plaatsgevonden. Over de middelen die waren ondergebracht bij de schatkist bedroeg de rentevergoeding zoals verwacht 0%.
Rendement 2018
Het rendement (0,09%) is nagenoeg gelijk aan het geraamde percentage in de Programmabegroting 2018 (na wijziging).
Trend 2014-2018
Er is dit jaar sprake van een lichte afname van de omvang van de middelen. Dit na een aantal jaren van toename van deze omvang. (zie grafiek 4.1)
Grafiek 4.1: Gemiddelde omvang middelen Grafiek 4.2: Behaald rendement


Grafiek 4.2 toont het verloop van het behaalde rendement en laat zien dat sinds 2014 het rendement maar net boven de 0% ligt.
Activiteiten vermogensbeheerder
Het afgelopen jaar waren er weinig contactmomenten met de vermogensbeheerder en zijn er geen nieuwe beleggingen gedaan.
Begin 2018 heeft ASR Vermogensbeheer, op verzoek van de provincie, de volgende schattingen voor de rente ultimo 2018 afgegeven:
- Rente Onderhandse Leningen Publieke Sector looptijd 2 jaar: 0,00%
- Rente Onderhandse Leningen Publieke Sector looptijd 5 jaar/fixe: 0,50%
- Rente Onderhandse Leningen Publieke Sector looptijd 10 jaar/fixe: 1,20%
- Rente Onderhandse Leningen Publieke Sector looptijd 10 jaar/lineair: 1,00%
Ultimo 2018 waren de daadwerkelijke tarieven aanmerkelijk lager dan verwacht:
- Rente Onderhandse Leningen Publieke Sector looptijd 2 jaar: -0,25%
- Rente Onderhandse Leningen Publieke Sector looptijd 5 jaar/fixe: 0,21%
- Rente Onderhandse Leningen Publieke Sector looptijd 10 jaar/fixe: 0,91%
- Rente Onderhandse Leningen Publieke Sector looptijd 10 jaar/lineair: 0,48%
De rente is in 2018 per saldo nauwelijks veranderd (wel met tussentijdse bewegingen). Voor 2019 is onze verwachting dat de rente licht gaat stijgen, voornamelijk als gevolg van de afbouw van het obligatie-opkoopprogramma door de ECB.
Hieronder is een overzicht opgenomen van de per balansdatum (31 december 2018) verstrekte leningen in het kader van het onderling lenen. Het behaalde rendement over de uitgezette leningen bedroeg in 2018 totaal 0,70% over een gemiddeld uitstaand bedrag van € 22,3 mln.
Tabel 4.2: Onderling verstrekte leningen aan gemeenten
Gemeente | Oorspronkelijke hoofdsom | Oorspronkelijke looptijd (maanden) | Rentepercentage | Einddatum |
---|---|---|---|---|
Gorinchem | 8,0 | 96 | 1,100 | 17-07-2022 |
Heemskerk | 7,0 | 120 | 0,495 | 10-03-2025 |
Veenendaal | 11,0 | 120 | 0,590 | 27-05-2025 |
Meierijstad | 5,0 | 120 | 0,695 | 05-01-2026 |